Begrippenlijst
Ablathermie
Behandeling met Ablatherm® HIFU.
Ablatherm® HIFU
Medisch apparaat dat gebruik maakt van HIFU om prostaatkanker te behandelen.
Algehele anesthesie
De patiënt laten inslapen en verdoven.
Antibioticum
Geneesmiddel dat door bacteriën veroorzaakte infecties behandelt door ze te doden.
Benigne
Niet ernstig, goedaardig. Een benigne tumor is geen kanker.
Bijwerking
Vaak negatief gevolg van een behandeling.
Biopsie
Onderzoek dat bestaat uit het afnemen van kleine stukjes weefsel van een orgaan om ze microscopisch te onderzoeken.
Blaas
Orgaan waarin de urine wordt opgeslagen totdat hij wordt afgevoerd.
Botscintigrafie
Medisch beeldvormingsonderzoek waarmee het skelet (botten) kan worden bekeken en metastasen kunnen worden opgespoord.
Chemotherapie
Behandeling van kanker met geneesmiddelen die giftig zijn voor kankercellen.
Cryotherapie
Plaatselijke behandeling met als doel het zieke orgaan met koude te vernietigen,
Curietherapie
Plaatselijke behandeling om de cellen te vernietigen door plaatsing van radioactieve korrels in een aangetast orgaan.
DNA (Desoxyribonucleïnezuur)
Molecuul in de kern van cellen die de informatie bevat die nodig is voor de ontwikkeling en de werking van een organisme.
Echografie
Pijnloos onderzoek met medische beeldvorming verricht met een ultrageluid apparaat (echograaf).
Endeldarm
Het laatste deel van de dikke darm dat uitkomt in de anus.
Erectiezenuwen
Deze zenuwen liggen langs de prostaat en maken de erectie mogelijk.
Externe bestraling
Lokale behandeling van kanker met als doel de vernietiging van de kankercellen door middel van radioactieve stralen.
Gleason
Zie Gleason-score
Gleason-score
Resultaat van een microscopisch onderzoek van kankercellen van de prostaat. Met deze score kan de agressiviteit van de kanker worden bepaald.
HIFU (High Intensity Focused Ultrasound)
Medische techniek waarmee tumoren kunnen worden behandeld door hitte veroorzaakt door gericht ultrageluid.
Hormoon
Een door een klier geproduceerde stof die inwerkt op de ontwikkeling of de werking van een orgaan.
Hormoontherapie
Algemene behandeling van kanker met behulp van hormonen.
Impotentie
Het niet kunnen hebben of houden van een erectie voldoende voor seksuele omgang.
Incontinentie
Het niet kunnen ophouden van urine of ontlasting.
Kanker
Abnormale cellen die zich ongecontroleerd vermeerderen. Een ophoping van deze cellen heet een tumor.
Klier
Klein orgaan met als functie de productie van een of meer stoffen.
Lymfklier
Kleine ‘bolletje’ op de lymfvaten dat een belangrijke rol speelt bij de bescherming van het lichaam tegen infecties en kankercellen.
Metastase
Vorming van een tumor door uitzaaiing van kankercellen van een eerste tumor naar andere delen van het lichaam.
MRI (Magnetic Resonance Imaging)
Pijnloos medisch beeldvormingsonderzoek met magnetisch veld.
Niet-invasief
Kenmerkt medische handelingen waarbij niet in de huid wordt gesneden.
Poliklinisch
Zo kan de patiënt het ziekenhuis op de dag van de ingreep verlaten.
Prostaat
Klier van de mannelijke geslachtsdelen die een rol speelt bij de productie van sperma.
Prostaatadenoom
Goedaardige tumor van de prostaat die een grote toename van de lengte veroorzaakt.
Prostaathypertrofie
Zie prostaatadenoom
Prostatitis
Goedaardige ontsteking van de prostaat die met antibiotica wordt behandeld.
PSA (prostaat specifiek antigeen)
Afkorting van Prostaat Specifiek Antigeen. Stof geproduceerd door de prostaat die in het bloed circuleert.
Radicale prostatectomie
Chirurgische ingreep die bestaat uit het volledig verwijderen van de prostaat.
Recidief
Opnieuw verschijnen van tekenen van de aanwezigheid van kanker na een vermindering.
Rectaal toucheren
Onderzoek waarmee de prostaat via de endeldarm* kan worden bevoeld.
Röntgenstralen
Onzichtbare stralen die door bepaalde delen van het menselijk lichaam heen dringen en waarmee onderzoeken zoals radiografie of scans worden uitgevoerd.
Ruggenprik
Manier om het onderste deel van de buik en de benen te verdoven.
Scan
Pijnloos medisch beeldvormingsonderzoek met röntgenstralen dat beelden in ’schijfjes’ van het menselijk lichaam maakt.
Sluitspier
Kringspier rond een natuurlijke opening waarmee deze openen en sluiten.
- De urinesluitspier aan het einde van de prostaat die de urine ophoudt of laat weglopen.
- De anale sluitspier die de ontlasting ophoudt of elimineert.
Sperma
Vocht dat vrijkomt bij het klaarkomen.
Testosteron
Belangrijkste mannelijke hormoon geproduceerd door de testikels.
Tumor
Massa afwijkende cellen. Een tumor kan goedaardig of kwaadaardig zijn (kanker).
Ultrageluid
Trillingen die niet met het menselijk oor te horen zijn, gebruikt voor medische beeldvorming (echografie) en sommige behandelingen (Ablatherm®).
Urine
Vocht afgescheiden door de nieren met afval van het organisme.
Urinebuis
Kanaal dat uit de blaas voert, waardoor de urine uit het lichaam wordt verwijderd. Door de urinebuis stroomt ook het sperma tijdens het klaarkomen.
Urinesonde
Flexibel buisje ingebracht in de urinebuis tot aan de blaas voor het weg laten lopen van de urine.
Uroloog
Specialist in plasproblemen en genitale problemen.
Zaadblaasjes
Klieren verbonden aan de prostaat die het grootste deel van het zaadvocht produceren.
Zaadvocht
Vocht dat bestaat uit afscheidingen uit de zaadblaasjes en de prostaat. Samen met de spermatozoïden vormt het het sperma.
